Ga jij het maken in de grafimedia? zoek een baan op indruk.nu

Sla het menu over en ga direct naar de content van deze pagina.

Blusmiddelen

Hoeveel en welke blusmiddelen moet ik minimaal hebben in mijn bedrijf? In Nederland zijn geen wettelijke bepalingen over het benodigde type blusmiddelen, het aantal brandblussers per m2 in een bedrijf en de plaats van de brandblussers. Wat er in wetgeving staat is dat er voldoende brandblusmiddelen aanwezig moeten zijn om een beginnende brand doeltreffend te kunnen bestrijden. Het blussen van grotere branden laten we vanzelfsprekend aan de brandweer over.  

2 soorten blusmiddelen

We kennen 2 soorten blusmiddelen:

  • De draagbare brandblusser
    Er zijn veel verschillende typen brandblussers. Afhankelijk van de activiteit en toepassing in het bedrijf kan worden gekozen voor o.a. een 6 liter (sproei)schuimblusser zijn, een 6 kg poederblusser of een 5 kg CO2 blusser. Op de website van de brandweer vindt u daar meer informatie over (www.brandweer.nl).  
  • De brandslanghaspel
    Dit is een relatief goedkoop en effectief blusmiddel. Ook hier geldt dat bekeken moet worden welk type brand er kan ontstaan en welk blusmiddel in dat geval het meest effectief is.  

Brandrisico’s

Het bepalen van het aantal brandblussers is afhankelijk van de brandrisico’s in een bedrijf:  

  • Is er geen sprake van een verhoogd brandrisico (bijvoorbeeld in kantoor omgevingen of magazijn voor opslag van niet-gevaarlijke goederen)? In dat geval heb je voldoende aan één brandblusser per 200 m2 met een inhoud van 6 liter met een minimum van 2 blussers per etage. Is het oppervlak kleiner dan 100 m2 of betreft het een vrijstaand pand van minder dan 50 m2, dan kan met 1 blustoestel worden volstaan.  
  • Is er sprake van brandgevaarlijke werkzaamheden of opslag van brandgevaarlijke stoffen? In dat geval wordt de dubbele hoeveelheid geadviseerd. Dus minimaal één blusser per 100 m2, met een minimum van 3 blussers per etage.  

Zichtbaar en bereikbaar

Verder moeten de blusmiddelen zichtbaar en bereikbaar zijn. Oftewel:

  • Zorg dat de plek waar de blusmiddelen hangen met een pictogram wordt aangeduid. 
  • Zorg dat de blusmiddelen altijd rondom vrij zijn van obstakels en bereikbaar.  
  • Zorg dat de blusmiddelen zijn opgehangen en niet op de grond ‘staan’, om omvallen door omstoten te voorkomen. Omstoten kan de werking van het blusmiddel beïnvloeden. 
  • Zorg dat de loopafstand naar een blusmiddel niet meer bedraagt dan 30 meter.  
  • De onderlinge afstand tussen de blussers is bij voorkeur dan ook niet meer dan 60 meter. 
  • Voor de brandslanghaspel geldt dat er voldoende aanwezig zijn als alle plaatsen in het bedrijf met de 25-meter slang bereikbaar zijn. 

Tot slot

Ook verzekeringsmaatschappijen kunnen eisen stellen aan het aantal en soort brandblusmiddelen dat er binnen het pand aanwezig is. Informeer hiernaar. De lokale brandweer kan aanvullende eisen stellen op basis van de brandrisico’s in het bedrijf. Ook kunnen zij adviseren over het benodigde type en aantal blusmiddelen. Kortom, als werkgever ben je verantwoordelijk voor de (brand)veiligheid van je werknemers. Door samen te werken met (brandveiligheids-)deskundigen en door regelmatig de risico’s te evalueren kan die veiligheid worden gewaarborgd, ook bij veranderende omstandigheden.