08 november 2021

Prognose ontwikkeling indirecte kosten 2022

Zoals gebruikelijk rond deze tijd van het jaar presenteert het KVGO wat de ontwikkeling zal zijn van de indirecte kosten in 2022. Hiervoor is de Macro-Economische Verkenning van het Centraal Plan Bureau de belangrijkste bron. Aangezien het hier een prognose betreft moeten de uitkomsten met de nodige voorzichtigheid benaderd worden. Dat geldt nu nog meer dan in andere jaren, omdat niemand kan voorzien hoe de crisis rond de COVID-19-uitbraak zich verder zal ontwikkelen.

Coronacrisis zorgt voor verstoring

Bij de ontwikkeling van de verschillende onderdelen van de indirecte kosten moeten we ermee rekening houden dat er in 2021 ook verstoringen zijn zoals we ook zagen bij de indirecte kostenontwikkelingen van 2020. Nadat de economie langzaam weer tot leven begint te komen, zien we de besmettingscijfers weer toenemen.

De verschillende kostensoorten

Bij de ontwikkeling van de prijs van ‘indirecte materialen’ zien we een forse stijging en wel met ruim zes procent. Hier zal ongetwijfeld schaarste in de productie ervan een rol spelen. Bij een te verwachten toenemende vraag in 2022 zal dat leiden tot hogere prijzen.

Daarentegen zullen de ‘arbeidskosten’ een zeer beperkte ontwikkeling kennen. Deze zullen, naar verwachting van het CPB, met één procent stijgen en in 2021 is verwachting een half procent. Na de tamelijk sterke toename in 2020 (plus 6,8%) was dat enigszins te verwachten.

Bij de ‘afschrijvingen’ zien we een stijging van vijf procent, dit is anderhalf procent hoger als de prognose voor 2021. De werkelijke cijfers 2020 laten een afschrijvingspercentage van zes procent zien. Dit zou betekenen dat er weer geïnvesteerd wordt waar in 2020 de investeringen uitbleven.

De ‘diensten van derden’ vertonen een afname waar in de prognose van 2021 gesproken wordt over vier en half procent wordt er voor 2022 een kleine drie procent geprognotiseerd. Dit kan leiden tot verschraling van het aanbod.

Bij de ‘verzekeringen’ zien we een ontwikkeling die duidelijk minder is. De premies zullen naar verwachting met 2,61% dalen. Bijna gelijk aan het niveau in 2020. Hier kunnen de beperkte investeringen een rol spelen.

Tot slot de rente: in 2021 werden op de geldmarkten zowel de korte als de lange rente negatief. Omdat het hier om zeer kleine getallen gaat, heeft een geringe mutatie al een grote procentuele ontwikkeling te zien.

Het is daarom de vraag of het zinvol is de procentuele ontwikkeling weer te geven. We volstaan met op te merken dat het CPB voorziet dat in 2022 de lange rente net als in 2021 gemiddeld -0,4% zal zijn en dat de korte rente gemiddeld -0,5% zal bedragen.

Concluderend zien we dat er gemiddeld in 2022 geringe stijging van de indirecte kosten zijn.

Zie:

Ook interessant...

23 november 2021

FNV stuurt forse wensenlijst voor aanpassing Grafimedia cao

11 juni 2020

Ontwikkeling indirecte kosten in 2019 in lijn met prognose

05 november 2021

Ontwikkeling indirecte kosten in 2020 verstoord door Corona

26 september 2019

Relatief sterke stijging indirecte kosten in 2020